30/10/2007, Martin de Graaf
Sommige overheden gebruiken al jaren elektronische vergunningen en procedures. In Den Haag kun je bijvoorbeeld bijna helemaal digitaal trouwen. Gemeenten en provincies ontwerpen die formulieren niet allemaal zelf maar hebben daarvoor een gemeenschappelijke beheerorganisatie opgezet die al heel wat ervaring heeft opgedaan.
De digitale revolutie gaat echter telkens nieuwe fasen in. De volgende fase –die hier en daar al aangebroken is – houdt in dat ook complexe processen en vergunningen elektronisch afgehandeld moeten kunnen worden. Een aansprekend voorbeeld is de ‘omgevingsvergunning’, dat is één vergunning (met tientallen onderdelen) die in de plaats moet komen van tientallen aparte vergunningen op het gebied van zaken als milieu, brandveiligheid en ruimtelijke ordening. De belastingaangifte is een ander e-formulier waaraan heel hoge eisen worden gesteld, o.a. voor meesturen van uitvoerige bestanden met extra gegevens. Voor deze overheidsprocessen zijn grafisch en technisch complexere elektronische formulieren nodig dan voor de eenvoudige kapvergunning.
Om aan de eenvoudige e-formulieren te komen hebben verschillende overheden enkele jaren geleden een ‘fabriekje’ in het leven geroepen. Daaraan werden echter steeds hogere eisen gesteld. Dat ging op een gegeven moment wringen. Je kunt immers een fietsfabriek ook geen auto’s laten bouwen.
HEC kreeg de opdracht te onderzoeken waar de grenzen van het fabriekje lagen en waarom het zo moeilijk was om de complexe e-formulieren met dezelfde machinerie te bouwen. Het klinkt eenvoudig, maar het ging erom precies vast te stellen wat het oude ‘machinepark’ nog kon produceren en welke nieuwe machines en organisaties nodig zijn om de veel hogere eisen te kunnen beantwoorden. En dat in een situatie waarin landelijke, provinciale en gemeentelijke overheden en andere instanties wensen, eisen en ervaringen hebben.
Het HEC-advies omschreef nauwkeurig de grenzen van de oude werkwijze en software. Ook adviseerde HEC dat je als formulierenfabriek, om in business te blijven, nu nog eens moet uitzoeken wat inmiddels state of the ict-art is voor zowel eenvoudige als ingewikkelde formulieren. En dat je moet nagaan hoe die nieuwe technieken te gebruiken zijn en de productie daarmee georganiseerd moeten worden.

