
Als het gaat om de vraag of de EU zich met een onderwerp mag bemoeien, komt vaak het beginsel van de subsidiariteit ter sprake. Europa moet zich niet bemoeien met zaken die beter op het niveau van bijvoorbeeld de Tweede Kamer of de gemeenteraad kunnen worden geregeld. Voor de Europese beleidsmakers een noodzakelijke offer van bevoegdheden om Europese integratie mogelijk te maken. Voor de aanvaarding door nationale politici van Europa als vierde bestuurslaag is het ook een prettig houvast.
Het subsidariteitsbeginsel heeft zich de laatste jaren mogen verheugen in een groeiende belangstelling van bestuurders die Europa liefst zo ver mogelijk buiten de deur willen houden. Ook Nederland doet mee: de Eerste en Tweede Kamer hebben in 2006 de Tijdelijke Gemengde Commissie Subsidiariteitstoets ingesteld. Veel is tot nu toe niet van deze commissie vernomen. Wellicht krijgt de Commissie nieuw leven ingeblazen als de bepalingen van het nieuwe verdrag van Lissabon in werking treden. Nationale parlementen mogen dan immers rode en gele kaarten uitdelen als ze vinden dat Europa zijn boekje te buiten gaat. Vooral Nederland heeft zich sterk gemaakt voor het instellen van deze procedures.
Het beginsel van subsidiariteit is inmiddels wel sterk toe aan nuancering. Hoe meer landen vast houden aan hun eigen beleid en oplossingen, hoe lastiger het wordt om samenwerking binnen Europa vorm te geven. De realiteit van burgers en bedrijven binnen Europa vergt namelijk steeds meer samenwerking tussen overheden. Een goed voorbeeld is de lopende discussie over het toezicht op financiële instellingen. Subsidiariteit kan worden gezien als mede-veroorzaker van de kredietcrisis binnen de Europese Unie en als we niet oppassen is het ook een belangrijk obstakel in het voorkomen van toekomstige crises.
Een ander goed voorbeeld is het beleid op het gebied van de e-overheid. Doordat de Europese Unie weinig bevoegdheden heeft op dit gebied (zal nog wennen zijn voor de nieuwe commissaris Kroes) blijven belangrijke doorbraken uit op het gebied van bijvoorbeeld elektronische identiteiten voor burgers en bedrijven. Daardoor blijft ieder land vasthouden aan zijn eigen, vaak suboptimale, oplossing. Eilandautomatisering heet dat in ICT-termen.
Het beginsel van subsidiariteit heeft misschien wel zijn langste tijd gehad. De wereld van morgen vergt een bestuur dat over grenzen heen kan opereren. Daarvoor is de Europese Unie adequaat toegerust. Tijd dus dat lidstaten over hun eigen schaduwen heenstappen en Brussel wat vaker op de bok laten zitten.
Ga naar het blogoverzicht
