Vorige pagina | Print

De garage van het huis

06/01/2010, Drs. Ph.F.M Raets

Je kon binnendoor in de garage komen via een deur naast het toilet beneden. Dat was maar goed ook want de grote buitendeuren werden niet vaak gebruikt. Het waren oude houten gevaarten, groen geverfd. Je moest hard duwen om ze te openen en dan wiebelden ze.

De Midi-MPV, passend voor een consultant met gezin, stond altijd buiten. Niet alleen vanwege die deuren maar ook omdat de garage helemaal vol stond met van alles. Treurige pluche beesten in een mand van kinderen uit een vorig huwelijk; een doos met guitige relatiegeschenken; zesendertig niet digitale agenda's; kleren die nog goed waren maar inmiddels naar poes roken.

En dozen vol met managementboeken die hij kennelijk ooit snel in huis wilde hebben. Van veel van die boeken had hij alleen de recensies of de flaptekst gelezen of was na een paar bladzijden in slaap gevallen. Dat maakte niet uit want het waren meestal heel veel woorden voor één enkel idee en niemand die controleerde of je het echt had gelezen. Als je maar even mee kon praten.

Egbert geneerde zich er eigenlijk een beetje voor dat hij al die steeds weer nieuwe management-wijsneuzigheden modebewust had gevolgd.

Weer een ander indrukwekkend ei van Columbus om als leider erkenning te krijgen. Hij had zelfs ooit met blote voeten over hete kolen gelopen. Het gelach achter zijn rug had hem voorgoed bevrijd van alle goeroes en hij had begrepen dat het kennen en begrijpen van je medewerkers het belangrijkste "managementtool" is.

En verder natuurlijk kennis van zaken over alles wat er in een bedrijf gebeurt.
Zachtjes zong hij Aretha Franklin na: R.E.S.P.E.C.T. Daar gaat het om en dat krijg je nooit door een methode. Dat moet je verdienen. Dat krijg je van anderen.

Meestal keerde Egbert meteen weer om als hij iets moest zoeken in de garage maar vandaag zette hij door. Hij had het boek van Robert Pirsig: "Zen and the Art of Motorcycie Maintenance" aan een kennis beloofd. Tijdens een netwerkbijeenkomst kwam het onderwerp "kwaliteit ter sprake. Het is een aangenaam en overal gebruikt woord maar wat betekent het?

Egbert herinnerde zich toen weer de mening van Pirsig, dat kwaliteit eigenlijk niet te definiëren is en dat je niet moest kiezen tussen gevoelsmatig beoordelen of intellectuele analyses, maar voor een samengaan van beide. Inzicht en creativiteit
gekoppeld aan rationeel effectdenken. Sommige ideeën zouden we moeten recyclen, dacht Egbert.

Egbert had het boek van Pirsig gekregen toen hij zelf een Honda motorfiets uit 1973 had gekocht. Een vleugje hippie, een dosis flower power, een paar hashsigaretten (rode Libanon), een verlangen naar verten en handenvol dop- en andere sleutels. Dat hoorde allemaal bij die oude Honda. Hij had met opzet die motor gekocht en niet zo'n pseudo racemonster, waar mannen zich wellustig omheen kronkelen als was het een voluptueuze manzieke vrouw.

Daar stond ie, achter twee niet goed in elkaar gezette IKEA kasten. Verleden jaar had hij hem nog een keer afgestoft om er mee op reis te gaan. Mid¬life crisis, Egbert? had zijn vrouw vilein gevraagd. Ze had toch al zo'n hekel aan alle verschijnselen daarvan, zoals zijn onbestemd verlangen naar alle vrouwen die hij nooit had gehad. Gelukkig maar dat niemand in ging op zijn avances. Ze kon ook niet zo goed tegen zijn gezeur dat hij ergens anders een eigen ruimte wilde en dat hij alleen op reis zou moeten om zich zelf te vinden. Ga dan Egbert, zei ze, maar neem een GPS mee, dan kan je niet alleen jezelf maar ook je huis terug vinden. Ze had niet veel fiducie in zijn oriëntatievermogen.

Hij ging even op zijn motor zitten en begreep opeens dat hij het niet erg vond om er nooit op te rijden, maar dat hij hem ook nooit weg zou doen. Die motor was de droom die hij nodig had om te overleven.

Een echte reis is op een gegeven moment voorbij. De reis van je dromen blijft lokken, blijft een deel van je leven. Dat is het, dacht Egbert. lk ga een boek schrijven over de rol van dromen; idealen die niet gerealiseerd moeten worden en al helemaal niet in streefcijfers moeten worden uitgedrukt.

Zoals utopieën en heilsverwachtingen, politieke en religieuze bewegingen geïnspireerd houden, moeten ook organisaties idealen hebben, waarvan we weten dat het misschien zelfs beter is als ze niet bereikt worden. Het gaat om de reis, om de droom van een doel. Het gaat niet om ergens te komen vanwaar je weer terug moet. Dromen als managementtool zei Egbert hardop, dat klinkt niet slecht. lk ga nu de garage opruimen en daarna schrijf ik dat boek. En de motor blijft.

PDF icon
Ga naar het publicatieoverzicht