Vorige pagina | Print

Papernote 31: De informatiepositie van de patiënt

07/05/2010, mw. drs. R.A.E. Gerads, mw. drs. T.F.M. Hooghiemstra, dr. A.G. Arnold, mw. drs. A.D. van der Heide MCM

Delen |

De informatiepositie van de patiënt versterkt zich onder andere door het brede gebruik van ICT en doordat de patiënt meer centraal gesteld wordt. Hier kleven positieve en negatieve kanten aan. Deze publicatie is er op gericht de negatieve aspecten te minimaliseren en de positieve aspecten te optimaliseren.

Het versterken van de informatiepositie is niet voor alle patiënten even positief. Uitgegaan wordt van drie typen patiënten: met een chronische aandoening, met een geestelijke aandoening en die incidenteel ziek zijn.

Hoe kan de patiënt in staat gesteld worden om het informatieaanbod om te zetten in kennis omtrent de eigen situatie? Maakt meer weten de patiënt gelukkig? Hoe kunnen zorgverleners de patiënt bij het verwerken van informatie steeds meer ondersteunen en coachen? In hoeverre is het recht op zelfbeschikking begrensd en waarom is er nog geen duidelijk ‘recht op weten’? Hoe vinden we een balans tussen meer gezondheidsinformatie enerzijds en het medischberoepsgeheim en zorgvuldig identiteitsmanagement anderzijds?

Deze publicatie behandelt onder andere de hiervoor gestelde vraagstukken en geeft tips aan belanghebbende partijen. Dit betreft een brede doelgroep van patiënten(organisaties), zorgverleners, bestuurders in de gezondheidszorg, alsmede voor politici, beleidsmakers en hun adviseurs. Daarnaast kan deze publicatie interessant zijn voor ICT-leveranciers, medisch-wetenschappelijk onderzoekers en zorgverzekeraars.

Een exemplaar kunt u binnenkort kosteloos downloaden of tegen betaling bestellen bij SDU.

Ga naar het publicatieoverzicht


Volg @PBLQ op Twitter!